ECLI:NL:GHAMS:2026:1944

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
10 juli 2026
Publicatiedatum
16 juli 2026
Zaaknummer
23-002740-25
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 163 lid 6 WVW 1994Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 23 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor weigering bloedonderzoek en ontzegging rijbevoegdheid

Het gerechtshof Amsterdam heeft op 10 juli 2026 het vonnis van de politierechter in hoger beroep vernietigd en opnieuw recht gedaan. De verdachte werd veroordeeld voor het overtreden van artikel 163, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994, namelijk het weigeren van een bloedonderzoek op 21 april 2025 te Haarlem.

De straf bestaat uit een geldboete van €1.000,00, te voldoen in vijf termijnen van €200,00, en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor 270 dagen, waarvan 231 dagen daadwerkelijk worden uitgevoerd met een proeftijd van twee jaar. Tevens werd een hechtenisstraf van tien dagen opgelegd, die bij gebreke van betaling van de boete in plaats daarvan wordt uitgevoerd.

Daarnaast wees het hof de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde geldboete af. De beslissing houdt rekening met de reeds ingehouden tijd van het rijbewijs en bevat een voorwaardelijke ontzegging die kan worden verlengd bij recidive binnen de proeftijd.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €1.000, tien dagen hechtenis en ontzegging van de rijbevoegdheid voor 270 dagen met een proeftijd van twee jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 96-165342-25 en 96-173482-22 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-002740-25
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer,
van 10 juli 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 12 november 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte 1]
voornamen: [verdachte 2]
geboren: op [geboortedag] 2000 te [geboorteplaats]
adres: [adres] .

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 163, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
gepleegd
op 21 april 2025 te Haarlem.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a en 24c van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 163, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
geldboetevan
€ 1.000,00 (duizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
10 (tien) dagen hechtenis.
Bepaalt dat het totaal van de
geldboetesmag worden voldaan in
5 (vijf) termijnenvan
1 maand, elke termijn groot
€ 200,00 (tweehonderd euro).
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
270 (tweehonderdzeventig) dagen.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot
231 (tweehonderdeenendertig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bepaalt dat de tijd, gedurende welke het rijbewijs van de verdachte ingevolge artikel 164 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 vóór het tijdstip, waarop deze uitspraak voor wat betreft de in artikel 179 van Pro die wet genoemde bijkomende straf voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden, ingevorderd of ingehouden is geweest, op de duur van bovengenoemde bijkomende straf geheel in mindering zal worden gebracht.
Beslissing na voorwaardelijke veroordeling met parketnummer 96-173482-22:
Wijst af de vordering van de officier van justitie van het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (Utrecht) van 18 september 2025, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 21 augustus 2023, parketnummer 96-173482-22, voorwaardelijk opgelegde geldboete ter hoogte van 400,00 euro.
Gewezen door mr. L.M.G. de Weerd, in bijzijn van mr. S.S.I. Jackson, griffier.
mr. L.M.G. de Weerd