ECLI:NL:GHAMS:2026:371

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
10 februari 2026
Publicatiedatum
17 februari 2026
Zaaknummer
23-000842-25
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 23 SrArt. 24 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen vonnis politierechter inzake rijbevoegdheid en geldboete

In deze zaak is het hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter te Noord-Holland van 26 maart 2025. De verdachte werd veroordeeld voor overtredingen van de Wegenverkeerswet 1994, waaronder het besturen van een motorrijtuig zonder geldige rijbevoegdheid.

Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis van de politierechter vernietigd voor wat betreft de opgelegde straffen en heeft in die zin opnieuw recht gedaan. De verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 900 euro, te voldoen in drie termijnen van 300 euro, en tot 9 dagen hechtenis die bij gebreke van betaling als vervangende straf zal worden opgelegd.

Daarnaast is de verdachte ontzegd de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Het hof bevestigt het vonnis voor het overige en voegt artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht toe aan de wettelijke voorschriften.

De uitspraak is gewezen door mr. D.A.C. Koster, in aanwezigheid van griffiers.

Uitkomst: Veroordeling tot een geldboete van 900 euro, 9 dagen hechtenis en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor 6 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-320544-24
parketnummer hoger beroep : 23-000842-25
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 10 februari 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 26 maart 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1985 te [geboorteland]
adres: [adres]

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24a, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straffen en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een
geldboetevan
€ 900,00 (negenhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
9 (negen) dagen hechtenis.
Bepaalt dat het totaal van de
geldboetesmag worden voldaan in
3 (drie) termijnenvan
1 maand, elke termijn groot
€ 300,00 (driehonderd euro).
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
6 (zes) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met dien verstande dat artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht aan de wettelijke voorschriften wordt toegevoegd.
Gewezen door mr. D.A.C. Koster, in bijzijn van mr. C.H. Sillen en mr. L.A.H. van Wieren, griffiers.
mr. D.A.C. Koster