ECLI:NL:GHAMS:2026:378
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.A.C. Koster
- L.A.H. van Wieren
- C.H. Sillen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte en niet-ontvankelijkheid benadeelde partij in schadevordering
In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde feit. De rechtbank had eerder een veroordeling uitgesproken, maar het hof oordeelde dat het ten laste gelegde niet bewezen kon worden.
Daarnaast verklaarde het hof de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering tot schadevergoeding, waardoor deze vordering niet-ontvankelijk werd verklaard. Beide partijen zijn veroordeeld tot het dragen van hun eigen proceskosten.
Het arrest is gewezen door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 10 februari 2026. Hiermee komt een einde aan de strafrechtelijke procedure tegen de verdachte en de civiele vordering van de benadeelde partij.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken en benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in schadevordering.