Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De verdere procedure in hoger beroep
2.De verdere motivering van de beslissing
Transitional Civil Code; hierna: TCC) voor een rechtsgeldige rechtskeuze is voldaan. Voor de vraag of ook sprake is van materiële geldigheid van de rechtskeuze overwoog het hof dat naar Eritrees recht moet worden beoordeeld of tussen de echtgenoten wilsovereenstemming bestaat over de keuze voor Eritrese recht als toepasselijk recht op hun huwelijksvermogensregime. Daarbij speelt mee dat in dit hoger beroep als uitgangspunt heeft te gelden dat partijen pas op 8 mei 2015 in Addis Abeba, Ethiopië rechtsgeldig met elkaar zijn gehuwd. De vraag die voorligt is of de rechtskeuze die partijen op [datum] 2014 voor het Eritrese recht hebben gemaakt ook voor het in Ethiopië gesloten huwelijk werking heeft. Het hof heeft in dat kader de volgende twee vragen aan het IJI voorgelegd:
New Civil Code of Eritrea, hierna: NCCE) heeft gepubliceerd. Het is tot op heden echter onduidelijk of de NCCE geldend recht is (geworden). De NCCE beoogt het oudere burgerlijk wetboek - de TCC uit 1991 - te vervangen, maar het is dus onduidelijk of dit daadwerkelijk is gebeurd. Beide wetten zijn (met verschillende artikelnummering) echter grotendeels identiek en de relevante bepalingen in beide wetboeken komen inhoudelijk grotendeels overeen. In de praktijk passen Eritrese rechters een mengvorm van de NCCE, TCC en lokaal gewoonterecht toe.