Uitspraak
mr. W.M. Smelten
mr. M. Nuijten, kantoorhoudende te Amsterdam,
mr. A.J.A. Jansenen
mr. M.H. van Hooft, kantoorhoudende te Amsterdam,
Gerechtshof Amsterdam
De Ondernemingskamer Amsterdam behandelt een geschil tussen Laseth B.V. en Kloekenland B.V. over de waardering van aandelen in meerdere vennootschappen. Na eerdere beschikkingen is een deskundige benoemd om de waarde van de aandelen te onderzoeken met peildatum 5 februari 2026.
De deskundige heeft een plan van aanpak en een begroting van de kosten ingediend, waarin een voorschot van €68.600 exclusief omzetbelasting is begroot. Partijen hebben gelegenheid gekregen om zich over het plan uit te laten. Kloekenland heeft opmerkingen gemaakt over de informatie-uitwisseling en het proces van hoor en wederhoor, terwijl Laseth vooral aandrong op een voortvarend onderzoek.
De Ondernemingskamer oordeelt dat de regie van het onderzoek bij de deskundige ligt en verwijst naar de Leidraad voor deskundigen. De Kamer stelt vast dat het voorschot redelijk is en wijst het verzoek af om de kosten door Laseth te laten dragen. De deskundige mag het voorschot rechtstreeks factureren. De termijn voor het indienen van het deskundigenbericht wordt vastgesteld op 2 juli 2026. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De Ondernemingskamer bepaalt een voorschot van €68.600 exclusief btw voor het deskundigenonderzoek en stelt de termijn voor het deskundigenbericht vast op 2 juli 2026.