In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de beheersovereenkomst van een VvE kon worden overgenomen zonder medewerking van de VvE en of terugbetaling van beheerskosten terecht was gevorderd. De kantonrechter wees de vordering af omdat het ontslag van de administrateur onbevoegd was gegeven en onvoldoende bewijs bestond voor onrechtmatige betaling.
In hoger beroep stelde appellante dat er geen rechtsverhouding bestond met de huidige rechtspersoon geïntimeerde, omdat de beheersovereenkomst was overgedragen zonder haar instemming, wat volgens haar leidde tot onverschuldigde betaling. Het hof oordeelde dat appellante gebonden was aan de vastgestelde feiten en dat het primaire betoog faalde omdat de brief van 2000 duidelijk namens geïntimeerde was geschreven.
Subsidiair stelde appellante dat er geen contractsoverneming had plaatsgevonden omdat zij niet had ingestemd met de overdracht van de beheersovereenkomst. Het hof bevestigde dat zonder medewerking van de VvE geen contractsoverneming kon plaatsvinden, waardoor de vordering tot terugbetaling van € 2.894,81 terecht was toegewezen op grond van onverschuldigde betaling.
De vordering tot schadevergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing en de buitengerechtelijke kosten werden niet toegewezen omdat niet was gebleken dat meer incassowerkzaamheden waren verricht dan enkele aanmaningen. De proceskosten werden gecompenseerd tussen partijen.