ECLI:NL:GHARL:2013:6293

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
27 augustus 2013
Publicatiedatum
27 augustus 2013
Zaaknummer
Rdk 1406-13 27-8-13
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Raadkamer
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 67a Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging verlenging voorlopige hechtenis wegens kans op noodweerexces

In hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank die de verlenging van de voorlopige hechtenis van verdachte beval, heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden geoordeeld dat de situatie als bedoeld in artikel 67a, derde lid, Sv zich voordoet. Hoewel ernstige bezwaren tegen verdachte bestaan en de onderzoeksgrond nog aanwezig is, is de 12-jaarsgrond niet aanwezig gezien de omstandigheden waaronder het feit is begaan.

Het hof acht het aannemelijk dat het beroep op noodweer of noodweerexces kans van slagen heeft, ook indien wordt aangenomen dat verdachte zelf het mes uit de woning heeft gepakt. Het oordeel is gebaseerd op het procesdossier zoals dat thans beschikbaar is; de zittingsrechter zal het definitieve oordeel vellen.

Op grond hiervan vernietigt het hof de beschikking van de rechtbank, wijst de vordering tot verlenging van de gevangenhouding af en heft de voorlopige hechtenis van verdachte op. Het verzoek tot schorsing behoeft geen beoordeling meer.

Uitkomst: De verlenging van de voorlopige hechtenis wordt vernietigd en de voorlopige hechtenis van verdachte wordt opgeheven wegens kans op succes van het beroep op noodweerexces.

Uitspraak

Raadkamernummer: 1406-13
Parketnummer eerste aanleg: 08-760129-13
27 augustus 2013

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

Locatie Leeuwarden
Voorlopige hechtenis
Blijkens de akte van de griffier van de rechtbank Overijssel van 25 juli 2013 is namens:

[verdachte],

geboren op [1978] te [geboortegemeente],
wonende te [woonplaats], [adres],
thans verblijvende in de P.I. Overijssel - HvB Zwolle,
hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van voormelde rechtbank d.d. 24 juli 2013, waarbij de verlenging van de gevangenhouding van verdachte werd bevolen.
Het hof heeft gezien de beschikking, waarvan beroep.
Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal, de verdachte en zijn raadsman mr. D. Moszkowicz, advocaat te Amsterdam.
De raadsman heeft tijdens de behandeling in raadkamer een verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte gedaan.

Overwegingen

Met de rechtbank is het hof van oordeel dat ernstige bezwaren tegen verdachte bestaan ter zake van het feit waarop de voorlopige hechtenis berust. Eveneens is het hof van oordeel dat de onderzoeksgrond thans nog aanwezig is. Ten aanzien van de 12-jaarsgrond is dat anders; gelet op de omstandigheden waaronder het feit is begaan - het hof wijst hiertoe op het navolgende - acht het hof die grond niet aanwezig.
Het bestaan van de onderzoeksgrond neemt niet weg dat, naar het oordeel van het hof, sprake is van de situatie als bedoeld in artikel 67a, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, nu er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat het beroep van de verdachte op noodweer, dan wel noodweerexces, kans van slagen heeft. Dit geldt ook - het nog te verrichten onderzoek heeft daarop betrekking - ingeval er vanuit moet worden gegaan dat verdachte zelf het mes, waarmee het slachtoffer is gestoken, uit de woning heeft gepakt en daarmee naar buiten is gegaan.
Het hof wijst er op dat ’s hofs oordeel is gebaseerd op het procesdossier zoals dat thans beschikbaar is. De zittingsrechter zal op basis van het uiteindelijke dossier en het onderzoek ter terechtzitting een definitief inhoudelijk oordeel vellen.
Gelet op het vorenoverwogene zal het hof de beschikking van de rechtbank vernietigen, de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de gevangenhouding van verdachte afwijzen en de voorlopige hechtenis van verdachte opheffen.
Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis behoeft om die reden geen beoordeling meer.

Beslissing

Het gerechtshof,
beschikkende in hoger beroep:
vernietigt de beschikking, waarvan beroep;
wijst de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de gevangenhouding van de verdachte af;
heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte.
Aldus gewezen op 27 augustus 2013 door mr. W.M. van Schuijlenburg als voorzitter, mrs. G.M. Meijer-Campfens en L.J. Hofstra, in tegenwoordigheid van mr. E. Verdoorn als griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier voornoemd.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.
Leeuwarden,
de advocaat-generaal,