Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
4.De motivering van de beslissing in hoger beroep
5.Slotsom
€ 666
€ 2.682(3 punten x tarief II)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellant was werknemer van SNS en had een hypothecaire geldlening met personeelscondities. Na beëindiging van zijn dienstverband in 2004 werd een vaststellingsovereenkomst gesloten waarin de personeelscondities voor een deel van de lening werden voortgezet. SNS stuurde appellant een brief waarin abusievelijk werd vermeld dat de rente voor beide leningdelen vaststond tot 2031, terwijl de rente variabel was.
Appellant vorderde in hoger beroep dat de rente vanaf 2005 als vast zou worden beschouwd en dat SNS de rente zou herberekenen en verrekenen. Het hof oordeelde dat appellant als ervaren jurist en bankier redelijkerwijs had moeten begrijpen dat het hypotheekbericht een vergissing bevatte en dat hij hieraan geen gerechtvaardigd vertrouwen kon ontlenen. Er was geen afspraak gemaakt over een vaste rentevastperiode zoals vermeld.
De rechtbank had het gevorderde afgewezen en het hof bekrachtigde dit vonnis. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het voordeel van de brief was te mooi om waar te zijn en de bank had dit rechtgezet. De correspondentie van de lagere klantenservice-afdeling kon niet worden gezien als een nieuwe toezegging.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het gevorderde af; appellant kan geen recht ontlenen aan de kenbare vergissing van SNS.