Uitspraak
1.[appellant 1],
[appellant 1],
2.[appellant 2],
[appellant 2],
3. A.D. Inkoop B.V.,
A.D. Inkoop,
4. [appellant 3],
[appellant 3],
[appellanten],
[geïntimeerde],
1.Het geding in eerste aanleg
Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling in hoger beroep
AD Inkoop geboden tot staking van de tenuitvoerlegging van het tussen hen gewezen vonnis van 14 december 2011 ter verkrijging van een hoger bedrag aan op 21 januari2012 aangezegde verbeurde dwangsommen dan € 25.000,- op straffe van het verbeuren van een dwangsom. Action en AD Inkoop hebben tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.
- op de aan [appellant 1] behorende woning aan [adres] te [woonplaats],
- op de aandelen die [appellant 1] houdt in de besloten vennootschap AGRO ERGO SUM BV, welke onderneming alle aandelen houdt in de besloten vennootschap AFA BV en in [appellant 2],
- op de aandelen die [appellant 2] houdt in AD Inkoop, de besloten vennootschap ENTERO FLOR BV en de besloten vennootschap IMS MOBILE MARKETING BV.
- op de boot Baja met trailer zich bevindende op het adres van Hemrik Marine BV te [woonplaats],
- op de vordering die AD Inkoop uit hoofde van het mondelinge vonnis in kort geding van 14 december 2011 (mogelijk) op Action heeft,
- onder de Coöperatieve Rabobank Gemeente Voorst U.A., onder de Coöperatieve Rabobank [woonplaats]-Noordwest Friesland U.A., onder de ING Bank NV, onder de ABN AMRO BANK NV en onder de FRIESLAND BANK NV op de bankrekeningen van [appellant 1], [appellant 2], AD Inkoop, waarbij de voorzieningenrechter heeft toegestaan onder de banken meermaals beslag te mogen leggen, te weten drie keer binnen 30 dagen na het eerste gelegde beslag.
AD Inkoop door het handhaven van haar modelregistratie tegenover Action en [geïntimeerde] onrechtmatig heeft gehandeld. De rol die [appellant 1] heeft gespeeld in de verwerving, registratie en handhaving van de Gemeenschapsmodel vormen een schending van op [appellant 1] persoonlijk rustende verplichtingen. Dit onrechtmatig handelen van [appellant 1] moet gelet op de positie van [appellant 1] binnen AD Inkoop aan AD Inkoop worden toegerekend. Door het handelen van [appellanten] heeft [geïntimeerde] schade geleden die door haar in het beslagrekest is begroot op € 368.859,07, aldus nog steeds [geïntimeerde].
(HR 19 juni 2009, LJN: BI8771). Een uitzondering op deze "in beginsel strakke regel" is gerechtvaardigd indien de wederpartij erin heeft toegestemd dat dit verweer alsnog in de rechtsstrijd wordt betrokken (HR 28 februari 1992, 409 en 22 juni 2007, LJN BA3032, NJ 2007, 344). Van "ondubbelzinnige toestemming" is evenwel niet gebleken. [appellanten] zijn ook niet inhoudelijk op het verweer ingegaan. Het hof kan derhalve aan het verweer voorbijgaan nu dit niet een verweer betreft waar het hof reeds ambtshalve moet op antwoorden. Het verweer gaat overigens ook niet op nu het voorschrift niet geldt in een geval als hier aan de orde is, waar de schuldenaar in kort geding de executie aanvecht waarbij de derden ook zijn betrokken.
Grief IIkeert zich tegen dit oordeel van de voorzieningenrechter. De grief is tevens gericht tegen het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter dat de gestelde onrechtmatige gedraging van [appellant 1] in het maatschappelijk verkeer ook kan worden aangemerkt als een gedraging van AD Inkoop van wie [appellant 1] enig (indirect) bestuurder is. [appellanten] betwisten dat zij onrechtmatig hebben gehandeld omdat zij op het moment van het inroepen van het Gemeenschapsmodel tegenover [geïntimeerde] en Action wisten noch beseften dat er een serieuze niet te verwaarlozen kans bestond dat het Gemeenschapsmodel in een nietigheidsprocedure geen stand zou houden. Met
grief IIIbestrijden [appellanten] de waarde die de voorzieningenrechter daarbij aan de verklaring van [bestuurder X] heeft gegeven.
I, IV tot en met VII)geen verdere bespreking.
grief VIIIbetogen, als de (grotendeels) in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten van het geding in eerste aanleg. Dit geldt ook voor de kosten in hoger beroep (salaris advocaat: 3 punten, tarief II).