Uitspraak
de vader,
de raad.
1.Stichting William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,
de stichting,
2.[belanghebbende 1],
de moeder,
3.[belanghebbende 2],
de pleegmoeder van [kind 1],
4.[belanghebbende 3],
de pleegouders van [kind 2].
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 19 november 2013 het hoger beroep behandeld van de vader tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland die hem en de moeder ontheven heeft van het gezag over hun twee minderjarige kinderen. De rechtbank had Bureau Jeugdzorg Groningen benoemd tot voogd, met uitvoering door een stichting.
De kinderen verblijven al geruime tijd in pleeggezinnen vanwege ernstige opvoedproblemen en een belaste voorgeschiedenis. Het hof constateert dat de vader ongeschikt en onmachtig is om zijn plicht tot verzorging en opvoeding te vervullen, mede gelet op de problematiek van de kinderen en de langdurige ondertoezichtstellingen en uithuisplaatsingen.
Het belang van de kinderen bij continuïteit van hun opvoedingssituatie en een ongestoord hechtingsproces in de pleeggezinnen weegt zwaarder dan het emotionele belang van de vader om het gezag te behouden. Het hof wijst het verzoek van de vader voor aanvullend onderzoek af en bekrachtigt de beschikking tot ontheffing van het gezag.
Het hof benadrukt dat de vader ondanks de ontheffing altijd een belangrijke rol als ouder blijft vervullen, zij het op afstand, en dat de beslissing gericht is op het waarborgen van het welzijn en de stabiliteit van de kinderen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontheffing van het gezag van de vader over de twee minderjarige kinderen.