ECLI:NL:GHARL:2013:BZ0347
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nieuw verzoek wettelijke schuldsaneringsregeling binnen tienjaarstermijn
Appellante heeft eerder van 5 juli 2005 tot 5 juli 2008 de wettelijke schuldsaneringsregeling gevolgd en daarbij een schone lei gekregen. Zij verzocht opnieuw om toepassing van deze regeling vanwege een schuldenlast van ruim €15.000,-, ontstaan na het vertrek van haar voormalige partner die haar in financiële problemen bracht.
De rechtbank Zutphen wees dit verzoek af op grond van de imperatieve afwijzingsgrond in artikel 288 lid 2 onder Pro d van de Faillissementswet, omdat de tienjaarstermijn sinds de schone lei nog niet was verstreken en geen uitzonderingssituaties van toepassing waren.
Appellante voerde aan dat haar situatie een uitzondering rechtvaardigde, omdat zij te goeder trouw was en de schulden buiten haar schuld waren ontstaan. Het hof oordeelde echter dat de wetgever bewust een strikte toelatingsvoorwaarde heeft gesteld om het toenemende beroep op de schuldsaneringsregeling te beheersen.
De door appellante aangehaalde jurisprudentie bood onvoldoende grond om van deze imperatieve afwijzingsgrond af te wijken. Het hoger beroep faalde en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd.
Het arrest werd op 24 januari 2013 door het hof Arnhem-Leeuwarden uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat het verzoek tot hernieuwde toepassing van de schuldsaneringsregeling binnen tien jaar na schone lei afwijst.