ECLI:NL:GHARL:2013:BZ1919
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- A. Smeeïng-van Hees
- A. Roelvink-Verhoeff
- A.J.H. Blaisse-Ozinga
- Rechtspraak.nl
Geschil over schoolkeuze bij gezamenlijke gezagsuitoefening van minderjarig kind
In deze zaak staat een geschil over de schoolkeuze van een minderjarig kind centraal, waarbij de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen. De vader wenst dat het kind een openbare school bezoekt vanwege zijn islamitische geloofsovertuiging, terwijl de moeder kiest voor een andere school, waarbij zij ook praktische en sociaal-emotionele factoren meeneemt.
De rechtbank Almelo had eerder bepaald dat het kind de school van de vader zou bezoeken, een beschikking die uitvoerbaar bij voorraad werd verklaard. De moeder ging hiertegen in hoger beroep en verzocht het hof deze beschikking te vernietigen en te bepalen dat het kind de school van de moeder zou bezoeken.
Het hof overweegt dat bij geschillen over gezamenlijke gezagsuitoefening de beslissing moet worden genomen in het belang van het kind. Het hof acht het in het belang van het kind wenselijk dat zij de school van de moeder bezoekt, mede vanwege de nabijheid van de school, de sociaal-emotionele ontwikkeling, de aanwezigheid van vriendjes en vriendinnetjes, en de bereidheid van de school om rekening te houden met de islamitische achtergrond van het kind.
Het hof vernietigt daarom de beschikking van de kinderrechter en bepaalt dat het kind de school van de moeder zal bezoeken. De kosten van het hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat het kind de school van de moeder zal bezoeken en vernietigt de beschikking van de kinderrechter.