ECLI:NL:GHARL:2013:BZ6176
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- A. Smeeïng-van Hees
- C.J. Laurentius-Kooter
- R. Krijger
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vervangende toestemming verhuizing kinderen en handhaving hoofdverblijfplaats moeder
De moeder verzocht het hof om vervangende toestemming te verlenen om met haar twee kinderen naar een andere plaats te verhuizen, nadat de vader zijn toestemming had geweigerd. De vader stelde zich op het standpunt dat de verhuizing niet in het belang van de kinderen was en verzocht in incidenteel hoger beroep om de hoofdverblijfplaats bij hem te plaatsen.
Het hof overwoog dat er sprake was van een gewijzigde omstandigheid doordat de moeder een nieuwe relatie had in de beoogde woonplaats. Desondanks was de relatie nog te pril om te spreken van een bestendige situatie. Het belang van de kinderen om in hun huidige woonplaats te blijven, met een goede omgang met de vader, woog zwaarder dan het belang van de moeder bij verhuizing.
Ook het verzoek van de vader om de hoofdverblijfplaats bij hem te plaatsen werd afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing en het belang van stabiliteit voor de jonge kinderen. De proceskosten werden gecompenseerd. De beschikking van de kinderrechter werd bekrachtigd en het verzoek van de moeder en vader afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vervangende toestemming voor verhuizing af en bekrachtigt de hoofdverblijfplaats bij de moeder.