ECLI:NL:GHARL:2013:BZ7206
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens noodweer bij poging zwaar lichamelijk letsel en mishandeling
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel, openlijk geweld en mishandeling jegens het slachtoffer. De feiten speelden zich af in twee fasen: een eerste incident voor de woning van een betrokkene en een tweede incident waarbij verdachte met een hamer zou hebben geslagen nadat het slachtoffer met een stok op de auto sloeg waarin verdachte zat.
Het hof stelde vast dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte het slachtoffer met een hamer had geslagen en dat het slachtoffer geen letsel had opgelopen. Ook was er geen sprake van verenigde krachten tussen verdachte en betrokkene, aangezien hun handelingen los van elkaar stonden.
Verdachte voerde noodweer aan, waarbij het hof oordeelde dat het geweld dat verdachte gebruikte als verdediging tegen een onmiddellijke en wederrechtelijke aanval met een stok op de auto werd gepleegd. Dit noodweerverweer werd geaccepteerd, waardoor de tenlasteleggingen niet bewezen konden worden verklaard.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Hiermee werd bevestigd dat het gepleegde geweld niet wederrechtelijk was en dat verdachte rechtmatig had gehandeld uit zelfverdediging.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken omdat het gepleegde geweld uit noodweer is verricht en geen verenigde krachten zijn aangetoond.