ECLI:NL:GHARL:2013:BZ7850
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.W. Zandbergen
- W. Breemhaar
- K.M. Makkinga
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering vergoeding reis- en verblijfskosten Zuid-Afrika en niet opeisbaarheid investering appartement
Partijen, die een gezamenlijke huishouding voerden zonder samenlevingscontract, zijn in geschil over diverse financiële vorderingen voortvloeiend uit gezamenlijke uitgaven en investeringen.
De rechtbank had [geïntimeerde] veroordeeld tot betaling aan [appellante] en vice versa, met compensatie van proceskosten. In hoger beroep betwist het hof de onderbouwing van de vorderingen van [geïntimeerde] betreffende terugbetaling van kosten en vergoeding voor gebruik van inboedel.
Het hof oordeelt dat de eisen van redelijkheid en billijkheid maken dat het geïnvesteerde bedrag van € 18.276,96 in het appartement in Zuid-Afrika niet opeisbaar is zolang het appartement niet is verkocht, mede vanwege de slechte vastgoedmarkt. Verder is geen grond voor toewijzing van een gebruiksvergoeding voor de inboedel. De vordering tot vergoeding van reis- en verblijfskosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Ook de vordering tot schadevergoeding wegens het niet vrijgeven van de inboedel wordt afgewezen omdat onvoldoende is gesteld dat [appellante] onrechtmatig heeft gehandeld. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf de dagvaarding. Diverse grieven slagen deels, andere worden afgewezen of aangehouden.
Uitkomst: De vordering tot vergoeding van reis- en verblijfskosten wordt afgewezen en het geïnvesteerde bedrag in het appartement is niet opeisbaar zolang het niet is verkocht.