ECLI:NL:GHARL:2013:BZ9680
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.A.W. Lensing
- P. van Kesteren
- P.H.A.J. Cremers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen gewoontewitwassen van grote geldbedragen
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor medeplegen van gewoontewitwassen van grote geldbedragen, gepleegd tussen 1 januari 2005 en 10 april 2006 in Nederland en de Verenigde Staten. Hij maakte zich schuldig aan het overdragen, ontvangen en verhullen van geldbedragen waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze afkomstig waren uit misdrijven.
Het hof oordeelde dat verdachte zich bewust onkundig hield over de herkomst van de gelden en daarmee willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardde dat het om crimineel geld ging. Ondanks zijn verweer dat hij niet bewust was van de herkomst, werd dit verworpen op basis van verklaringen en bewijsmiddelen.
De strafoplegging bestond uit een gevangenisstraf van 15 maanden, waarvan geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, en een taakstraf van 240 uur. Het hof hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, het ontbreken van eerdere relevante veroordelingen en het feit dat de feiten bijna zeven jaar geleden plaatsvonden.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht, waarbij verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen werden verklaard. De straf werd passend geacht gelet op de ernst van het feit, de omvang van het witwassen en de integriteitsschending van het financiële verkeer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 15 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en 240 uur taakstraf wegens medeplegen van gewoontewitwassen.