ECLI:NL:GHARL:2013:CA2191

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
6 juni 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
0392-13
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Raadkamer
Rechters
  • van Schuijlenburg
  • Anjewierden
  • De Witt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 77m SrArt. 77p Sr
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Taakstraf uitvoerbaar ondanks detentie uit andere hoofde

De veroordeelde is bij arrest van 20 september 2011 veroordeeld tot een werkstraf van 150 uren, met een vervangende jeugddetentie van 75 dagen indien de werkstraf niet naar behoren wordt uitgevoerd. Deze werkstraf bleek niet uitvoerbaar omdat de veroordeelde een langdurige gevangenisstraf uit andere hoofde uitzit.

Het hof heeft het bezwaarschrift van de veroordeelde behandeld, waarin hij stelde dat hij onvoldoende gelegenheid had gehad om de werkstraf uit te voeren vanwege zijn detentie. Uit de stukken bleek dat de veroordeelde op grond van een ander arrest veroordeeld was tot een gevangenisstraf van 8 jaren, waartegen hij cassatieberoep heeft ingesteld.

Het hof stelde vast dat op grond van artikel 77m, lid 9, van het Wetboek van Strafrecht de termijn voor het uitvoeren van de werkstraf automatisch wordt verlengd met de tijd dat de veroordeelde uit andere hoofde rechtens zijn vrijheid is ontnomen. De stelling van de advocaat-generaal dat dit alleen voor kortdurende detenties geldt, werd verworpen. Hierdoor kan de veroordeelde de werkstraf na afloop van zijn detentie alsnog uitvoeren. Het hof verklaarde het bezwaarschrift gegrond.

Uitkomst: Het hof verklaart het bezwaarschrift gegrond en stelt dat de werkstraf na detentie alsnog kan worden uitgevoerd.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN,
LOCATIE LEEUWARDEN
Arrest van 6 juni 2013 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het bezwaarschrift ex artikel 77p van het Wetboek van Strafrecht van:
[betrokkene],
geboren op [1992] te [geboorteplaats],
zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,
thans gedetineerd in [verblijfplaats],
ter terechtzitting verschenen in persoon en bijgestaan door zijn advocaat mr. J.T.E. Vis, advocaat te Amsterdam.
De inhoud van het bezwaar
Het gerechtshof Leeuwarden heeft de veroordeelde bij arrest d.d. 20 september 2011, parketnummer 24-003108-10, veroordeeld tot onder meer een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van 150 uren, met bevel voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende jeugddetentie voor de duur van 75 dagen zal worden toegepast.
Voormeld bezwaarschrift, ingekomen op 11 februari 2013, keert zich tegen de kennisgeving d.d. 28 januari 2013 van de advocaat-generaal aan de veroordeelde tot tenuitvoerlegging van de vervangende jeugddetentie.
De behandeling ter zitting
Het hof heeft ter openbare terechtzitting van 23 mei 2013 gehoord de advocaat-generaal, de veroordeelde en de advocaat.
Voorts heeft het hof kennis genomen van de stukken.
De beoordeling van het bezwaar
In de eindrapportage van de Raad voor de Kinderbescherming d.d. 19 december 2012 staat vermeld dat de taakstraf niet uitvoerbaar is omdat de veroordeelde momenteel een -uit andere hoofde opgelegde- langdurige gevangenisstraf uitzit.
De veroordeelde heeft naar voren gebracht dat hij niet of onvoldoende in de gelegenheid is gesteld de werkstraf naar behoren uit te voeren dan wel dat er redenen zijn op grond waarvan hij niet in staat is de werkstraf uit te voeren; hij is immers gedetineerd.
Uit de stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat het gerechtshof Leeuwarden de veroordeelde bij arrest van 22 november 2012, parketnummer 24-002614-11, heeft veroordeeld tot onder meer een gevangenisstraf voor de duur van 8 jaren. De veroordeelde, die tegen dit arrest cassatieberoep heeft ingesteld, verblijft uit hoofde hiervan in bovengenoemd huis van bewaring.
Het hof stelt voorop dat ingevolge artikel 77m, negende lid, van het Wetboek van Strafrecht de termijn waarbinnen de werkstraf moet zijn uitgevoerd wordt verlengd met de tijd dat de veroordeelde uit andere hoofde rechtens zijn vrijheid is ontnomen. De stelling van de advocaat-generaal dat dit alleen geldt voor kortdurende detenties vindt geen steun in het recht.
Het voorgaande brengt mee dat de veroordeelde de werkstraf na ommekomst van de detentie uit andere hoofde alsnog kan verrichten. Derhalve kan niet kan worden aangenomen dat de hem opgelegde werkstraf door deze detentie niet uitvoerbaar is.
Gelet hierop zal het hof het bezwaarschrift gegrond verklaren.
De beslissing
Het hof:
verklaart het bezwaarschrift gegrond.
Dit arrest is gewezen door mr. van Schuijlenburg als voorzitter, mrs. Anjewierden en De Witt, in tegenwoordigheid van mr. Arntz als griffier.