ECLI:NL:GHARL:2013:CA2457
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt waarderingsmethode gemeente bij verkoop erfpachtgrond ondanks schending formeel zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel
Deze civiele zaak betreft de waardering van de blote eigendom van grond die onder erfpacht stond, verkocht door de gemeente Arnhem aan erfpachters in de wijken Paasberg en Alteveer. De erfpachters stelden dat de gemeente onzorgvuldig en onrechtmatig handelde door de grondwaarde te bepalen alsof de grond onbebouwd was, zonder aftrek voor de bebouwde staat, en vroegen een reductie van de koopsom.
De rechtbank had de vordering deels toegewezen en geoordeeld dat de gemeente ten onrechte uitging van de fictie dat de grond onbebouwd was. Het hof vernietigde dit oordeel deels en oordeelde dat de gemeente in beginsel de actuele marktwaarde mag vragen, maar dat zij het formele zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel heeft geschonden door onvoldoende onderzoek te doen en onvoldoende transparant te zijn over de waarderingsmethode.
Deskundigen bevestigden dat een aftrek wegens bebouwde staat op de grondwaarde passend is, maar constateerden dat de gemeente doorgaans een marktconforme prijs vroeg, waardoor het evenredigheidsbeginsel niet werd geschonden. Het hof wees de primaire vordering van de erfpachters af, veroordeelde de gemeente in de proceskosten en bepaalde het deskundigenhonorarium op €55.000. Het arrest bevestigt de grenzen aan gemeentelijk handelen bij erfpachtwaardering en benadrukt het belang van zorgvuldigheid en transparantie.
Uitkomst: Het hof wijst de primaire vordering van de erfpachters af en veroordeelt de gemeente in de proceskosten.