Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
gronden:
slotsom:
kosten:
beslissing:
.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze bestuursrechtelijke zaak betrof het een geschil over de vastgestelde WOZ-waarde van een onroerende zaak gelegen aan een adres te [Z] voor het jaar 2011. De belanghebbende, een vereniging, maakte bezwaar tegen de beschikking waarbij de waarde was vastgesteld op €255.000.
Na eerdere procedures en cassatie door de Hoge Raad werd het geschil verwezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Tijdens de zitting op 16 december 2014 bereikten partijen overeenstemming over de waarde van de kogelvangers, die buiten de waarde van de onroerende zaak moesten worden gelaten. De waarde van de kogelvangers werd vastgesteld op €93.000, waardoor de WOZ-waarde werd verlaagd tot €162.000.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de uitspraak op bezwaar, verklaarde het beroep gegrond en stelde de waarde van de onroerende zaak vast op €162.000. Tevens veroordeelde het hof de heffingsambtenaar tot betaling van proceskosten van €527 aan de belanghebbende. De uitspraak werd op 23 december 2014 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de onroerende zaak wordt verminderd tot €162.000 en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld tot betaling van €527 aan proceskosten.