ECLI:NL:GHARL:2014:1434
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- P.H. van Ginkel
- H. Wammes
- F.J.P. Lock
- Rechtspraak.nl
Afwijzing incidentele vordering tot schorsing van tenuitvoerlegging vonnis na belangenafweging
In deze zaak vorderden appellanten incidenteel de schorsing van de tenuitvoerlegging van een uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis waarin zij hoofdelijk waren veroordeeld tot betaling van een geldsom aan geïntimeerde.
Het hof verwijst naar vaste rechtspraak dat bij een dergelijke vordering een belangenafweging moet plaatsvinden, waarbij onder meer wordt gekeken of de executant een redelijk belang heeft bij onmiddellijke tenuitvoerlegging en of het vonnis klaarblijkelijk op een juridische of feitelijke misslag berust.
Appellanten stelden onder meer dat het vonnis onterecht was en dat geïntimeerde misbruik maakte van zijn executierecht, maar het hof vond deze stellingen onvoldoende onderbouwd. Ook het feit dat geïntimeerde faillissementen heeft aangevraagd en een recht van erfpacht trachtte te executeren, rechtvaardigde geen schorsing.
Het hof concludeerde dat het belang van geïntimeerde bij onmiddellijke tenuitvoerlegging evident is en dat het belang van appellanten onvoldoende zwaarwegend is om schorsing te rechtvaardigen. De vordering werd daarom afgewezen en appellanten werden veroordeeld in de kosten van het incident.
Uitkomst: De incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis wordt afgewezen.