Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellante was onderworpen aan de wettelijke schuldsaneringsregeling, die haar verplichtte onder meer viermaal per maand aantoonbaar te solliciteren. De rechtbank beëindigde de regeling wegens onvoldoende nakoming van deze verplichtingen, met name het niet aantoonbaar solliciteren en het verwijderen van e-mails die als bewijs konden dienen.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij wel degelijk had gesolliciteerd en inmiddels een baan had, maar kon dit niet met bewijs staven. De bewindvoerder benadrukte dat de sollicitatieplicht de zwaarste inspanningsverplichting is en dat appellante hieraan niet voldeed.
Het hof oordeelde dat appellante toerekenbaar tekort was geschoten in haar verplichtingen en dat dit ernstige tekortkoming de beëindiging van de regeling rechtvaardigt. Het feit dat zij mogelijk een baan had en dat de Recofa-richtlijnen geen wettelijke status hebben, deed hieraan niet af. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van de wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende sollicitatie-inspanningen van appellante.