ECLI:NL:GHARL:2014:3459
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak belaging wegens onvoldoende bewijs van stelselmatige inbreuk op persoonlijke levenssfeer
Verdachte werd vervolgd voor belaging van zijn buurman en diens echtgenote, waarbij hij onder meer werd beschuldigd van het stelselmatig fotograferen van personen en eigendommen, en het verspreiden van diffamerende brieven aan de gemeente. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht.
De tenlastelegging betrof het maken van foto's van de aangevers en hun omgeving, het sturen van een klachtbrief en een bezwaarschrift aan de gemeente met beschuldigingen aan het adres van de aangevers. Hoewel verdachte deze handelingen heeft verricht, oordeelde het hof dat niet alle handelingen wederrechtelijk waren en dat het totaal van de wel wederrechtelijke handelingen niet voldeed aan het vereiste van stelselmatigheid zoals bedoeld in artikel 285b Sr.
Het hof vond dat het fotograferen van de weg en het gebruik van foto's in civiele procedures niet wederrechtelijk was, gezien het geringe inbreuk op privacy en het legitieme belang van verdachte. Foto's van de echtgenote en schilders waren wel wederrechtelijk, maar deze handelingen waren niet stelselmatig. Ook de klachtbrief en het bezwaarschrift waren diffamerend maar vielen binnen de grenzen van het procesrecht. De vervolging tegen de echtgenote werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een tijdige klacht.
Uiteindelijk sprak het hof verdachte vrij van belaging, wees de schadevergoedingsvorderingen af en verklaarde het openbaar ministerie niet-ontvankelijk voor de vervolging van de echtgenote.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van belaging wegens onvoldoende bewijs van stelselmatige wederrechtelijke inbreuk.