Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
(zaaknummer rechtbank C/17/127120 / FA RK 13-831)
de moeder,
de raad.
1.Stichting Bureau Jeugdzorg Friesland,
BJZ,
2.[belanghebbende],
de vader,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder is ontheven van het gezag over haar twee minderjarige kinderen, omdat zij tien jaar geen deel heeft gehad aan hun opvoeding vanwege persoonlijke problemen zoals psychische klachten en verslaving. De kinderen verblijven sinds het vertrek van de moeder in het gezin van de vader, die de verzorging en opvoeding op zich neemt.
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking tot ontheffing, stellende dat haar situatie recentelijk is verbeterd door behandeling op een forensisch psychiatrische afdeling. Desondanks oordeelt het hof dat de belangen van de kinderen vooropstaan en dat de moeder ongeschikt en onmachtig blijft om de opvoeding te verzorgen.
Het hof benadrukt dat de ontheffing niet betekent dat de moeder geen contact meer met de kinderen kan hebben, maar dat zij zich moet richten op contact en niet op beslissingen over verzorging en opvoeding. De beschikking van de rechtbank wordt daarom bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontheffing van het gezag van de moeder over haar kinderen vanwege haar langdurige afwezigheid en ongeschiktheid.