Uitspraak
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
[e-mailadres], worden opgeheven dan wel geblokkeerd en [het kind] te verbieden nieuwe e-mailadressen, gamesite profielen en/of online identificaties zonder toestemming van beide ouders aan te maken, binnen een week na dagtekening van de beschikking, op straffe van de verbeurte van een dwangsom van € 500 voor iedere dag of dagdeel dat zij niet aan deze verplichting voldoet;
e-mailadressen door en/of voor [het kind], op straffe van de verbeurte van een dwangsom van € 500 per keer dat zij in strijd met dit verbod handelt;
4.De motivering van de beslissing
* Verzoek III: Huisarts en overige direct betrokkenen rond [het kind]
[e-mailadres], op te heffen, althans te blokkeren, en haar moet worden verboden mee te werken aan de aanvraag van nieuwe e-mailadressen door en/of voor [het kind]. De moeder is van mening dat de beslissing van de rechtbank tot afwijzing van dit verzoek juist is.
Vast staat dat partijen evenzeer van mening verschillen over de vraag of de moeder heeft voldaan aan haar wettelijke consultatieplicht. Bij de beoordeling of daarvan sprake is, is niet zozeer van belang hoe de moeder in de beleving van de vader aan haar consultatieplicht heeft voldaan (subjectief), maar of het gelet op alle omstandigheden aannemelijk is geworden dat de moeder niet aan haar consultatieplicht heeft voldaan (objectief). Naar het oordeel van het hof is uit de overgelegde stukken niet aannemelijk geworden dat de moeder zich niet aan de wettelijke consultatieplicht houdt. De vader heeft weliswaar aangevoerd dat de moeder hem niet heeft geconsulteerd (en geïnformeerd) rondom een behandeling van [het kind] bij de fysiotherapeut, doch nu de moeder dit heeft betwist, is dit onvoldoende vast komen te staan. Het hof ziet dan ook geen aanleiding om de verzoeken VII en VIII van de vader toe te wijzen.