Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Utrecht-Gooi, kantoor Utrecht(hierna: de Inspecteur)
1.Ontstaan en loop van het geding
[B] en [C] namens de Inspecteur.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende was gehuwd en diende voor het jaar 2009 een aangifte inkomstenbelasting in, waarbij een voorlopige aanslag werd opgelegd en een teruggaaf werd overgemaakt naar een gezamenlijke bankrekening. Belanghebbende stelde dat zij niet op de hoogte was van de wijziging van het rekeningnummer en dat haar echtgenoot de teruggaaf onrechtmatig had opgenomen en gebruikt.
De Inspecteur handhaafde de aanslag en de verrekening van de voorlopige aanslag met de definitieve aanslag. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. Belanghebbende ging in hoger beroep en voerde aan dat de verrekening niet had mogen plaatsvinden omdat zij niet op de hoogte was en de teruggaaf onrechtmatig was gebruikt.
Het Hof oordeelde dat de voorlopige aanslag rechtsgeldig was bekendgemaakt aan belanghebbende en dat het rekeningnummer mede op haar naam stond. Ook was belanghebbende vertegenwoordigd door haar echtgenoot, die gemachtigd was om namens haar op te treden. De stelling dat zij niet op de hoogte was van de wijziging deed niet af aan de rechtmatigheid van de aanslag en de verrekening.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door het Hof op 1 juli 2014 in Arnhem.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.