Uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken
[verdachte],
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
De tenlastelegging
Vrijspraak
andermansgoed. Uit de stukken en hetgeen ter terechtzitting van 14 juli 2014 naar voren is gekomen is telkens gebleken dat verdachte in de - mogelijk gerechtvaardigde - veronderstelling verkeerde dat de coniferen hem toebehoorden. Ook voor het bestanddeel ‘opzettelijk’ is derhalve geen bewijsmiddel voorhanden.