Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in het principaal hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak staat de rechtsgeldigheid van het huwelijk tussen partijen centraal, evenals de vaststelling van partneralimentatie. De rechtbank had eerder de echtscheiding uitgesproken en het verzoek van de vrouw tot bijdrage in haar levensonderhoud afgewezen. De vrouw ging hiertegen in hoger beroep en verzocht om toewijzing van een maandelijkse bijdrage van €950.
De man betwistte in incidenteel hoger beroep de geldigheid van het huwelijk, stellende dat het huwelijk niet rechtsgeldig is gesloten in Togo en dat de huwelijksakte onvolledig en ongeldig is. De vrouw stelde daartegenover dat het huwelijk op 24 juni 2006 rechtsgeldig is voltrokken en dat er geen keuze is gemaakt voor een huwelijksgoederenregime.
Het hof oordeelde dat het bewijs van het huwelijk, met name een gelegaliseerd origineel of authentiek afschrift van de huwelijksakte, ontbreekt. Daarom stelde het hof de vrouw in de gelegenheid om dit bewijs uiterlijk 1 oktober 2014 aan te leveren. De man krijgt vervolgens de mogelijkheid om binnen twee weken te reageren. Totdat dit bewijs is geleverd en beoordeeld, houdt het hof verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan en stelt de vrouw in de gelegenheid om bewijs van het huwelijk te leveren.