ECLI:NL:GHARL:2014:7235
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging afwijzing verzoek toelating wettelijke schuldsaneringsregeling ondanks psychosociale problematiek
Appellante verzocht de rechtbank om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling vanwege een schuldenlast van €18.766,51, waaronder schulden aan het CJIB en de Belastingdienst. De rechtbank wees dit verzoek af omdat niet aannemelijk was dat zij te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan en het onbetaald laten van haar schulden.
In hoger beroep stelde appellante dat haar schulden voortkwamen uit psychosociale problematiek veroorzaakt door een moeilijke relatie met haar ex-partner en de daaruit voortvloeiende stress en psychische klachten. Het hof erkende deze problematiek en achtte aannemelijk dat een groot deel van de schuldenlast hierdoor is ontstaan. Appellante had sinds 2013 hulp van een beschermingsbewindvoerder en de Stadsbank, en haar financiële situatie was sindsdien gestabiliseerd.
Desondanks oordeelde het hof dat appellante nog niet voldoende stabiel was en haar psychosociale problemen nog niet onder controle had, mede gelet op recente medische verklaringen en het ontbreken van psychische hulp. Het beroep op de hardheidsclausule werd daarom verworpen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en gaf aan dat appellante een nieuw verzoek kan indienen zodra zij haar situatie duurzaam onder controle heeft.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling afwijst wegens onvoldoende stabiliteit en goede trouw.