ECLI:NL:GHARL:2014:8969
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- I.A. Vermeulen
- M.P. de Hollander
- P.J. Landman
- Rechtspraak.nl
Ontheffing van het gezag over een minderjarige en benoeming van Bureau Jeugdzorg tot voogd
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 30 oktober 2014 uitspraak gedaan over het hoger beroep van de Raad voor de Kinderbescherming tegen een eerdere beschikking van de rechtbank Noord-Nederland. De raad verzocht om ontheffing van het gezag van de vader en moeder over hun minderjarige kind, geboren in 2010, en om benoeming van Bureau Jeugdzorg (BJZ) tot voogd.
De minderjarige is sinds zeer jonge leeftijd uit huis geplaatst en verblijft sinds mei 2011 in een perspectief biedend pleeggezin. De rechtbank had het verzoek tot ontheffing van het gezag afgewezen, maar het hof oordeelde anders. Gezien de langdurige uithuisplaatsing, de hechting van het kind aan het pleeggezin en het belang van rust en continuïteit, acht het hof de ouders ongeschikt en onmachtig om hun opvoedingsplicht te vervullen.
Het hof wees het verzoek van de moeder om aanhouding af, omdat het belang van het kind om in het pleeggezin op te groeien zwaarder weegt dan de belangen van de moeder. De pleegouders wilden geen voogdij op zich nemen, waarna het hof BJZ benoemde tot voogd. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en de ouders werden ontheven van het gezag over de minderjarige.
Uitkomst: De ouders worden ontheven van het gezag over de minderjarige en Bureau Jeugdzorg wordt benoemd tot voogd.