ECLI:NL:GHARL:2015:10201
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken bezwaren verdachte
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 19 mei 2015. Tijdens de terechtzitting van het hof op 13 oktober 2015 heeft het hof kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De verdachte heeft geen schriftelijke of mondelinge bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof heeft ook zelf geen redenen gezien die een inhoudelijke behandeling van de zaak noodzakelijk maken. Op grond hiervan heeft het hof besloten toepassing te geven aan artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Daarom heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het door hem ingestelde hoger beroep. De uitspraak is gedaan in aanwezigheid van de griffier en de advocaat-generaal, terwijl de verdachte niet aanwezig was in de terechtzitting.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van bezwaren en geen noodzaak tot inhoudelijke behandeling.