In deze zaak stond het hoger beroep tegen de ondercuratelestelling van verzoekster centraal. Verzoekster was opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis vanwege een ernstige psychische stoornis, waaronder manie na electroconvulsieve therapie. De rechtbank Midden-Nederland had eerder een ondercuratelestelling uitgesproken.
Het principaal appel van verzoekster werd ingetrokken vanwege haar medische toestand. Het hof oordeelde dat er voldoende gronden zijn voor ondercuratelestelling, mede gelet op een recente voorlopige machtiging die het verblijf van verzoekster in een psychiatrisch ziekenhuis verlengde. Het hof besloot daarom het verzoek van verweerder in het voorwaardelijk incidenteel appel toe te wijzen.
Het hof stelde verzoekster onder curatele en benoemde een professionele, onafhankelijke curator vanwege de complexe familieverhoudingen. De kosten van het geding werden ieder voor eigen rekening gelaten. De beschikking van de rechtbank Midden-Nederland werd vernietigd en vervangen door deze nieuwe beschikking.