Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het geschil betreft het verzoek van de moeder om vervangende toestemming te verkrijgen voor verhuizing met haar minderjarige kind van de huidige woonplaats naar een andere plaats, na ontbinding van het huwelijk en gezamenlijke gezagsuitoefening.
De rechtbank had dit verzoek eerder afgewezen en het hof bevestigt deze beslissing. De moeder wil verhuizen om samen te wonen met een nieuwe partner en om zakelijke redenen, terwijl de andere ouder bezwaar maakt vanwege het belang van het kind en haar betrokkenheid bij de verzorging en opvoeding.
Het hof weegt de belangen af en stelt vast dat de verhuizing het contact tussen het kind en de andere ouder ernstig zal beperken, mede door de afstand van bijna 200 kilometer. Het kind vertoont bovendien gedragsproblemen die samenhangen met de spanningen tussen de ouders.
Het hof benadrukt het belang van het kind bij het behouden van een goede relatie met beide ouders en wijst het verzoek af. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd omdat het geschil voortkomt uit de relatie tussen de ouders en het belang van het kind betreft.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vervangende toestemming voor verhuizing af en bekrachtigt de beschikking van de kinderrechter.