ECLI:NL:GHARL:2015:3274
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens vooringenomenheid rechter na stelselmatige observatie discussie
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen drie raadsheren van het hof naar aanleiding van een incident tijdens de terechtzitting van 24 februari 2015, waarbij de voorzitter zonder voorbehoud had verklaard dat er geen sprake was van stelselmatige observatie van verdachte. Dit oordeel werd voorafgaand aan de sluiting van het onderzoek gegeven, wat aanleiding gaf tot een gegronde vrees voor vooringenomenheid bij verzoeker.
De wrakingskamer overwoog dat een rechter uit hoofde van zijn functie onpartijdig wordt vermoed, maar dat dit vermoeden kan worden doorbroken bij uitzonderlijke omstandigheden met zwaarwegende aanwijzingen. Het voortijdige oordeel van het hof over de rechtmatigheid van de opsporingsmethode en de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie vormde een dergelijke aanwijzing.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek niet kon worden gezien als een verkapt middel tegen procesbeslissingen, maar dat de gegeven tussenuitspraak de vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigde. Daarom werd het wrakingsverzoek toegewezen en werden de betrokken raadsheren gewraakt.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de drie raadsheren is toegewezen wegens gegronde vrees voor vooringenomenheid.