Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
4.De motivering van de beslissing in hoger beroep
5.Slotsom
€ 1.737,- (1,5 punten x tarief III)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak vordert appellant dat Achmea Schadeverzekeringen NV dekking verleent voor schade door een inbraak en betaling van schadevergoeding, alsmede verwijdering van persoonsgegevens uit frauderegisters. De kantonrechter oordeelde dat appellant zich mogelijk schuldig maakte aan poging tot opzettelijke misleiding van Achmea, waarbij Achmea de bewijslast droeg en appellant tegenbewijs mocht leveren. Appellant slaagde hier niet in, waarna zijn vorderingen werden afgewezen.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij met aankoopbewijzen van een laptop uit 2005 het tegenbewijs had geleverd. Het hof oordeelde echter dat deze stukken niet ontzenuwden dat appellant bij de schadeclaim bewust onjuiste informatie gaf over de waarde en het bezit van de laptop, mede doordat hij tegenstrijdige verklaringen had afgelegd en een bon gebruikte die eerder bij een andere inbraak was overhandigd. Ook een e-mail waarin appellant instructies gaf om een valse verklaring te geven, bevestigde het opzettelijk misleidingsvoornemen.
Het hof concludeerde dat appellant niet slaagde in het tegenbewijs en bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, die werden vastgesteld op €3.657,-. Het arrest werd op 19 mei 2015 uitgesproken door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat appellant niet is geslaagd in het tegenbewijs tegen poging tot opzettelijke misleiding en veroordeelt hem in de proceskosten.