ECLI:NL:GHARL:2015:4242
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- W. Foppen
- J.D.S.L. Bosch
- D.J. Buijs
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep matiging onderhoudsbijdrage jongmeerderjarige op grond van artikel 1:399 BW
In deze zaak heeft de jongmeerderjarige [D] verzocht om een maandelijkse bijdrage van €575,- van zijn vader voor kosten van levensonderhoud en studie. De rechtbank had dit toegewezen, maar de vader ging in hoger beroep en verzocht om vernietiging van deze beschikking en matiging van de onderhoudsbijdrage tot €156,50.
De vader stelde dat het grievende gedrag van de jongmeerderjarige jegens hem en zijn nieuwe partner, de onduidelijkheid over de studie en de wijze van procederen matiging rechtvaardigden. Het hof overwoog dat het gedrag van de jongmeerderjarige niet zodanig grievend was dat matiging op grond van artikel 1:399 BW Pro gerechtvaardigd was. De relatie was weliswaar verstoord, maar dit was inherent aan de echtscheiding en onvoldoende onderbouwd door de vader.
Verder nam het hof de behoefte van de jongmeerderjarige vast op €575,- per maand, aansluitend bij de WSF-norm, verminderd met de ontvangen basisbeurs en zorgtoeslag, wat resulteerde in een behoefte van €424,-. De moeder werd geacht geen draagkracht te hebben om bij te dragen. De vader werd veroordeeld tot betaling van deze bijdrage vanaf 30 april 2014, waarbij een eerdere achterstand van €3.325,- niet werd kwijtgescholden.
Het hof vernietigde de beschikking van de rechtbank en stelde de onderhoudsbijdrage vast op €424,- per maand, uitvoerbaar bij voorraad, en wees het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: De vader moet een maandelijkse bijdrage van €424 betalen aan zijn jongmeerderjarige kind vanaf 30 april 2014.