ECLI:NL:GHARL:2015:5384

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
16 juli 2015
Publicatiedatum
16 juli 2015
Zaaknummer
21-001155-14
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 312 SrArt. 422 Sv
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging bewezenverklaring woningoverval met wijziging strafoplegging tot zes jaar gevangenisstraf

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel waarin verdachte was veroordeeld voor een gewelddadige woningoverval op twee oudere slachtoffers. De rechtbank had een gevangenisstraf van vijf jaar en zes maanden opgelegd. Het hof bevestigde de bewezenverklaring, de kwalificatie van het feit en de schadevergoedingsmaatregelen, mede op basis van aanvullend forensisch bloedspooronderzoek aan de schoenen van verdachte.

De woningoverval vond plaats in de nacht waarbij verdachte en zijn mededader zich voordeden als politie en met geweld de woning binnendrongen. Het slachtoffer, een 66-jarige man, werd ernstig mishandeld met forse kneuzingen en inwendig bloedverlies. De 85-jarige moeder van het slachtoffer verhuisde uit angst na 49 jaar uit haar huis. Het hof achtte de woningoverval ernstig vanwege de impact op de slachtoffers en de kwetsbaarheid van de slachtoffers.

Vanwege de ernst van het feit, de recidive van verdachte en het feit dat hij weigerde mee te werken aan onderzoek, vond het hof de straf van de rechtbank onvoldoende. Het hof legde daarom een hogere gevangenisstraf op van zes jaren, waarbij de eerder door verdachte doorgebrachte voorlopige hechtenis in mindering wordt gebracht. Het vonnis werd verder bevestigd met de aanvulling van het deskundigenrapport van het NFI.

De uitspraak werd gedaan door mr. L.T. Wemes, mr. P. Koolschijn en mr. J. Hielkema op 16 juli 2015.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaren voor een gewelddadige woningoverval.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-001155-14
Uitspraak d.d.: 16 juli 2015
TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel van
18 februari 2014 met parketnummer 08-760235-13 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,
thans verblijvende in Huis van Bewaring Zwolle te Zwolle.

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 14 augustus 2014 en 2 juli 2015 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren alsmede toewijzing van de vorderingen van de benadeelde partijen. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman,
mr. J. Vlug, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof is van oordeel dat de eerste rechter ten aanzien van de bewezenverklaring, de kwalificatie, de vordering van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregelen op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist, met dien verstande dat de bewijsmiddelen zullen worden aangevuld met het deskundigenrapport van ing. M.J. van der Scheer, NFI-deskundige forensisch bloedspoorpatroononderzoek, d.d. 20 januari 2015.
Van der Scheer heeft nader onderzoek gedaan naar het paar schoenen van verdachte dat onder hem is inbeslaggenomen (AAFT2062NL). De schoenen zijn aanvullend (microscopisch) onderzocht op de aanwezigheid van onder andere bloedsporen. De op de schoenen aangetroffen bloedsporen zijn beschreven vanuit het perspectief waarop deze normaliter worden gedragen (rapport pag. 6).
Op zowel de linker- als rechterschoen AAFT2062NL zijn contactsporen van bloed aangetroffen die zijn ontstaan door (bewegend) contact met een bebloed object en/of bebloede persoon (rapport pag. 12).
Op met name de linkerschoen is een groot aantal bloedspatjes aangetroffen. Dergelijke bloedspoortjes kunnen niet door secundaire overdracht worden verklaard. Bloedspatjes van deze grootte kunnen worden verkregen door verschillende mechanismen (rapport pag. 12-13).
Uit de conclusie van de deskundige blijkt dat de gevonden bloedspatjes geen secundaire bloedspatten zijn, maar hetzij bloedspatten die zijn ontstaan tijdens het uitoefenen van geweld, bijvoorbeeld door slaan of schoppen in vloeibaar bloed (de groep ‘bloedspatten als gevolg van uitgeoefend geweld’), hetzij geprojecteerde bloedspatten zijn. Die tweede groep bloedspatten kan ontstaan indien een persoon een verwonding heeft in de mond, neus en/of aan de luchtwegen bij praten, schreeuwen, hoesten, etc.
Het vonnis waarvan beroep dient met overneming van de gronden en het aanvullend bewijsmiddel te worden bevestigd.
Voor zover het betreft de aan de verdachte opgelegde straf, dient het vonnis echter te worden vernietigd omdat het hof tot een andere strafbeslissing komt dan de rechtbank.
Gezien het vorenstaande zal het vonnis waarvan beroep op dat onderdeel worden vernietigd en zal in zoverre opnieuw worden rechtgedaan.

Oplegging van straf

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.
Verdachte heeft zich samen met zijn mededader schuldig gemaakt aan een brute woningoverval op de 66-jarige [benadeelde 1] en diens 85-jarige moeder, [benadeelde 2]
. Verdachte en zijn mededader hebben ‘s nachts bij de woning van de slachtoffers op de deur getikt en geschreeuwd dat de slachtoffers de deur open moesten doen omdat zij van de politie waren. Vervolgens zijn zij met geweld de woning binnengedrongen en hebben zij [benadeelde 1] op ernstige wijze mishandeld. Het gezicht van [benadeelde 1] is fors toegetakeld met diverse uitgebreide kneuzingen en inwendig bloedverlies; het kunstgebit van [benadeelde 1] is letterlijk uit zijn mond geslagen.
Een woningoverval is een ernstig feit dat gevoelens van angst en onveiligheid bij de slachtoffers veroorzaakt, juist omdat de eigen woning de plek is waar zij zich veilig zouden moeten kunnen voelen. Slachtoffers lijden veelal geruime tijd onder de psychische gevolgen van een dergelijke ingrijpende gebeurtenis. Dat de woningoverval veel impact op de slachtoffers heeft gehad, blijkt ook uit de ter terechtzitting voorgelezen slachtofferverklaringen. Slachtoffer [benadeelde 2] is na 49 jaar gewoond te hebben in haar huis, waar ze met plezier heeft gewoond, waar haar man is overleden en waar ze veel herinneringen aan heeft, verhuisd wegens angst. Het hof rekent dit verdachte zwaar aan.
Als strafverzwarend geldt dat de woningoverval is gepleegd tegen kwetsbare
slachtoffers in de nachtelijke uren, dat met name het slachtoffer [benadeelde 1] veel letsel heeft
opgelopen en de veelvuldige recidive ter zake van vermogens- en geweldsdelicten bij verdachte, zoals die blijkt uit het uittreksel justitiële documentatie d.d. 30 juni 2015.
Het hof heeft gezien de verdachte betreffende Pro Justitia rapportages
d.d. 17 december 2013 en 27 november 2013, uitgebracht door respectievelijk
dr. F.M.J. Bruggeman, psychiater en drs. J.P. van der Leeuw, psycholoog, waaruit blijkt dat verdachte heeft geweigerd om mee te werken aan onderzoek omtrent zijn persoon.
Het hof heeft kennis genomen van de inhoud van een reclasseringsrapport van
het Leger des Heils, Jeugdzorg & Reclassering d.d. 16 december 2013 waaruit blijkt dat
verdachte als veelpleger bekend staat. Het Leger des Heils heeft geen advies gegeven omdat verdachte ontkent wat hem is ten laste gelegd.
Het hof acht de gevangenisstraf die de rechtbank heeft opgelegd onvoldoende recht doen aan de aard en de ernst van het feit. De oplegging van een gevangenisstraf voor de duur zoals de advocaat-generaal die heeft gevorderd, is passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op artikel 312 van Pro het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezen verklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep uitsluitend ten aanzien van de strafoplegging en doet in zoverre opnieuw recht.

Legt verdachte een gevangenisstraf op voor de duur van zes jaren.

De tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht wordt bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering gebracht.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep - met aanvulling van de bewijsmiddelen - voor al het overige.
Aldus gewezen door
mr. L.T. Wemes, voorzitter,
mr. P. Koolschijn en mr. J. Hielkema, raadsheren,
in tegenwoordigheid van G.G. Eisma, griffier,
en op 16 juli 2015 ter openbare terechtzitting uitgesproken.