ECLI:NL:GHARL:2015:5926
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging wettelijke schuldsaneringsregeling wegens gepleegde strafbare feiten tijdens regeling
Appellant is toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling, maar heeft tijdens de looptijd diverse vermogens- en geweldsdelicten gepleegd, waaronder winkeldiefstallen, inbraak, vernieling, bedreiging en vrijheidsberoving. De rechtbank heeft daarom de regeling tussentijds beëindigd wegens belemmering van de uitvoering en schending van de inlichtingenplicht.
Appellant heeft hoger beroep ingesteld en betoogd dat hij gemotiveerd is tot gedragsverandering, dat schuldeisers niet benadeeld zijn en dat de regeling voortgezet en verlengd moet worden met de periode van voorarrest. De bewindvoerder steunde het tussentijds beëindigen, maar stond niet afwijzend tegenover voortzetting.
Het hof oordeelt dat de gepleegde strafbare feiten in strijd zijn met de strekking van de regeling en voldoende grond vormen voor beëindiging. Het feit dat schuldeisers niet zijn benadeeld doet hieraan niet af. Ook is er onvoldoende vertrouwen in een bestendige gedragsverandering, mede gelet op het strafrechtelijk verleden en het feit dat appellant zijn inlichtingenplicht heeft geschonden.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot voortzetting en verlenging van de regeling af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de tussentijdse beëindiging van de wettelijke schuldsaneringsregeling wegens gepleegde strafbare feiten tijdens de regeling.