Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De vaststaande feiten
Artikel 1
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn gescheiden bij beschikking van 14 september 2011, waarbij een echtscheidingsconvenant met een niet-wijzigingsbeding werd overeengekomen. De man verzocht de rechtbank om verlaging van de partneralimentatie, wat werd afgewezen. In hoger beroep betoogde hij dat het niet-wijzigingsbeding vernietigbaar is wegens dwaling en misbruik van omstandigheden.
Het hof oordeelde dat de man onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij door zijn dyslexie de inhoud van het beding niet begreep, mede omdat het convenant uitgebreid met hem is besproken en hij geen bewijsaanbod deed. Ook het beroep op misbruik van omstandigheden faalde, omdat de man wist dat de advocaat van de vrouw alleen haar belangen behartigde en hij bewust geen eigen advocaat inschakelde.
Omdat het beroep op dwaling en misbruik faalt, blijft het niet-wijzigingsbeding geldig en is er geen grond voor verlaging van de alimentatie. Het hof bekrachtigt daarom het vonnis van de rechtbank dat het verzoek van de man afwijst.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot verlaging van partneralimentatie af.