Belanghebbende ontving een schikkingsbedrag van €250.000 van [D] N.V. na een civiele procedure over niet-uitvoering van een arbeidsovereenkomst. Dit bedrag werd gestort op de rekening van een door belanghebbende en zijn dochter bestuurde stichting. De Inspecteur nam dit bedrag op in de belastingheffing als vervanging van gederfd loon en legde een navorderingsaanslag op.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en oordeelde dat het bedrag als belastbaar loon moet worden gezien. Belanghebbende stelde dat het bedrag niet als loon was ontvangen en dat het een nettobedrag betrof, maar dit werd door het hof verworpen. Het hof bevestigde dat het bedrag door belanghebbende is genoten en dat de storting op de stichting geen afbreuk doet aan de heffing.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard. De heffingsrente werd eveneens bevestigd omdat de navorderingsaanslag niet werd verminderd. Proceskosten werden niet toegewezen. Het vonnis werd uitgesproken door het hof te Leeuwarden op 22 september 2015.