ECLI:NL:GHARL:2015:7224
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging administratieve sanctie wegens onjuiste toepassing artikel 5 WAHV bij snelheidscontrole
Op 28 april 2012 werd een snelheidsovertreding geconstateerd op de Julianastraat te Epen waarbij een motorvoertuig met een snelheid van 77 km/u reed waar 50 km/u was toegestaan. De overtreding werd vastgesteld met een radarvoertuig op locatie 1, terwijl op locatie 2 met een lasergun bestuurders werden staande gehouden. De verbalisant gaf de gegevens van locatie 1 door aan collega’s op locatie 2, die de bestuurder staande hielden en op de overtreding aanspraken.
De sanctie werd aanvankelijk aan de kentekenhouder opgelegd op grond van artikel 5 WAHV Pro, omdat niet direct was vastgesteld wie de bestuurder was. In hoger beroep stelde de gemachtigde dat de sanctie onterecht aan de kentekenhouder was opgelegd, omdat er een reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder was geweest.
Het hof oordeelde dat de bestuurder daadwerkelijk staande was gehouden en aangesproken op de overtreding, waardoor artikel 5 WAHV Pro niet van toepassing was. De sanctie had aan de bestuurder moeten worden opgelegd. Daarom werd de beschikking en de beslissing van de officier van justitie vernietigd en het beroep gegrond verklaard.
Daarnaast werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene, vastgesteld op € 852,25. De overige argumenten van de gemachtigde behoefden geen bespreking meer vanwege het oordeel over de toepasselijkheid van artikel 5 WAHV Pro.
Uitkomst: De sanctie is ten onrechte aan de kentekenhouder opgelegd en wordt vernietigd; het beroep wordt gegrond verklaard.