ECLI:NL:GHARL:2015:783
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevel tot gevangenhouding na ontvankelijkheid hoger beroep
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van verdachte tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland waarin een bevel tot gevangenhouding was gegeven. De advocaat-generaal stelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat de machtiging tot het instellen van het hoger beroep niet door de advocaat zelf was ondertekend, maar door een griffiemedewerker met de aanduiding 'i/o'.
Tijdens de raadkamerzitting verklaarde de raadsman van verdachte dat de gemachtigde advocaat telefonisch contact had gehad met de griffie en een schriftelijke machtiging had gegeven aan een medewerker van zijn kantoor om het hoger beroep in te stellen. Het hof oordeelde dat deze procedure rechtsgeldig was en dat de niet-ondertekening door de advocaat zelf niet tot niet-ontvankelijkheid leidde.
Het hof bevestigde vervolgens het bevel tot gevangenhouding zoals gegeven door de rechtbank, omdat de gronden voor het bevel nog steeds aanwezig waren. De beslissing werd genomen met inachtneming van de relevante artikelen van het Wetboek van Strafvordering.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het hoger beroep ontvankelijk en bevestigt het bevel tot gevangenhouding van verdachte.