ECLI:NL:GHARL:2015:8751
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring beroep WAHV wegens ontbreken aanvulmogelijkheid gronden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter Noord-Holland die het beroep van betrokkene tegen een beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk had verklaard. De kantonrechter had dit gedaan omdat de gronden van het beroep niet waren aangevuld.
De gemachtigde van betrokkene stelde dat ten onrechte geen gelegenheid was geboden om de gronden aan te vullen. Het hof oordeelde dat volgens de WAHV alleen de kantonrechter bevoegd is om vast te stellen dat de gronden ontbreken en om de betrokkene de kans te geven dit te herstellen. Uit de stukken bleek dat deze gelegenheid niet was geboden.
Daarom vernietigde het hof de beslissing van de kantonrechter en verwees de zaak terug voor inhoudelijke behandeling. Tevens werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 367,50 aan betrokkene. Het hof benadrukte dat de procedurele waarborgen omtrent het aanvullen van gronden strikt moeten worden nageleefd.
Uitkomst: De beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor inhoudelijke behandeling.