Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Beoordeling
-anders dan de betrokkene ter zitting van het hof heeft betoogd - niet bepalend voor de vraag of de gedraging is verricht.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene werd een administratieve sanctie van €220 opgelegd wegens het negeren van een rood verkeerslicht op 5 april 2013 in Eindhoven. Hij voerde in hoger beroep aan dat hij het verkeerslicht geel zag toen hij de stopstreep passeerde en dat de verbalisant zijn waarneming baseerde op het remgedrag van de achterligger, wat volgens hem onjuist was.
Het hof oordeelde dat het moment van passeren van de stopstreep niet doorslaggevend is, maar het moment waarop het verkeerslicht daadwerkelijk rood licht gaf. De verklaring van de verbalisant, die direct zicht had op het verkeerslicht, werd geloofd omdat de betrokkene geen feiten aanvoerde die twijfel rechtvaardigen. Het aanvullend proces-verbaal van de verbalisant werd niet relevant geacht vanwege het tijdsverloop en gebrek aan concrete herinneringen.
Het hof verbeterde de gronden van de kantonrechter en wees het beroep van de betrokkene af. Wel werd de betrokkene een vergoeding van €51,40 aan reiskosten toegekend. Verzoeken om vergoeding van maaltijdkosten en wettelijke rente werden afgewezen. De beslissing bevestigt dat het verkeerslicht rood was toen de betrokkene het passeerde en dat de sanctie terecht is opgelegd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de boete voor door rood rijden en wijst het hoger beroep af met een beperkte proceskostenvergoeding.