ECLI:NL:GHARL:2016:10316
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens te laat ingediend beroepschrift en afwijzing proceskostenvergoeding
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter Den Haag betreffende een betrokkene. Het hof nam het tussenarrest van 26 augustus 2016 over en vernietigde de beslissing van de kantonrechter vanwege een procedurele tekortkoming: de gemachtigde van de betrokkene was niet behoorlijk opgeroepen voor de zitting.
Vervolgens oordeelde het hof dat het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk was, omdat het beroepschrift te laat was ingediend. De beroepstermijn van zes weken was verstreken, en er was geen verschoonbare reden voor de termijnoverschrijding gesteld of gebleken.
Ten aanzien van het verzoek tot vergoeding van proceskosten stelde het hof vast dat de werkzaamheden van de gemachtigde niet redelijkerwijs het belang van de betrokkene dienden. De gemachtigde had geen contact met de betrokkene gehad en was niet gericht op het ontvankelijk doen zijn van het beroep. Daarom wees het hof het verzoek tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand af.
Het arrest werd gewezen door mr. De Witt en uitgesproken in openbare zitting op 21 december 2016.
Uitkomst: Het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening en het verzoek tot proceskostenvergoeding is afgewezen.