ECLI:NL:GHARL:2016:1224
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Beswerda
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing over administratiekosten en dwangsom in bestuursstrafrechtelijke zaak
De betrokkene had bij de CVOM verzocht om terugbetaling van administratiekosten die ten onrechte in rekening waren gebracht. Dit verzoek werd niet als een aanvraag in de zin van artikel 4:17 Awb Pro aangemerkt, maar als een verzoek tot een handeling van feitelijke aard, waardoor geen rechtsmiddelen openstonden tegen een beslissing daarop.
De minister verklaarde het bezwaarschrift van de betrokkene ongegrond en de kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde de advocaat-generaal dat sprake was van misbruik van procesrecht, maar het hof verwierp dit omdat relevante rechtsvragen aan de orde werden gesteld en het verzoek niet was bedoeld om de procedure te frustreren.
Het hof oordeelde dat het bezwaarschrift niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard omdat het niet ging om een aanvraag als bedoeld in artikel 4:17 Awb Pro. De beslissingen van de kantonrechter en minister werden vernietigd. Tevens werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene.
Uitkomst: Het hof verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten.