ECLI:NL:GHARL:2016:1717
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens gerede twijfel aan betrouwbaarheid aangifte verkrachting en aanranding
De verdachte werd door de rechtbank veroordeeld voor verkrachting, maar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vernietigde dit vonnis en sprak hem vrij van zowel verkrachting als aanranding. Het hof baseerde zijn oordeel op gerede twijfel over de betrouwbaarheid van de aangifte van de benadeelde partij.
Tijdens het onderzoek stelde het hof vragen bij het gedrag van de benadeelde partij, zoals het niet vluchten of alarm slaan ondanks meerdere gelegenheden, het verwijderen van veelvuldig berichtenverkeer op haar telefoon, en tegenstrijdige verklaringen over haar omgang met de verdachte. Ook kon zij in een politieverhoor geen antwoord geven op diverse vragen, wat het hof deed twijfelen aan de waarheidsgetrouwheid van haar verklaring.
De verdachte ontkende de ten laste gelegde feiten en stelde dat de seksuele handelingen vrijwillig waren. Het hof vond dat een groot deel van de verklaring van de benadeelde partij paste binnen het beeld van vrijwillige handelingen. Hierdoor was het bewijs onvoldoende overtuigend om tot een veroordeling te komen.
De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de verdachte werd vrijgesproken. Het hof veroordeelde de benadeelde partij tot betaling van de proceskosten, begroot op nihil tot de uitspraak.
Het arrest werd uitgesproken op 8 maart 2016 door mr. A. van Holten, voorzitter, mr. H.J. Deuring en mr. H.D. Wolswijk, waarbij laatstgenoemde niet ondertekende.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs en gerede twijfel aan betrouwbaarheid aangifte.