Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een verzuimboete van 100% opgelegd omdat hij zijn auto gebruikte tijdens een periode van schorsing van het kentekenbewijs. De rechtbank matigde de boete tot €267 omdat de auto gedurende een groot deel van de schorsingsperiode ononderbroken in een stalling had gestaan.
De Inspecteur ging tegen deze matiging in hoger beroep. Het hof oordeelde dat het gebruik van de auto tijdens de schorsing een betalingsverzuim oplevert en dat de Inspecteur terecht een boete kon opleggen. Echter, gelet op de omstandigheden, waaronder de langdurige stalling, is het onevenredig om de boete volledig te baseren op de volledige naheffingsaanslag.
Daarom bevestigde het hof de matiging van de boete tot €267, waarmee een passende en geboden sanctie is opgelegd. Het hoger beroep van de Inspecteur werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Inspecteur wordt ongegrond verklaard en de boete gematigd tot €267 bevestigd.