ECLI:NL:GHARL:2016:2519
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek vervangende toestemming erkenning ondanks bezwaren moeder
De vader verzocht de rechtbank om vervangende toestemming voor erkenning van zijn kind, omdat de moeder haar toestemming weigerde. De rechtbank wees dit verzoek af, mede op advies van de Raad voor de Kinderbescherming en de bijzondere curator, die stelden dat erkenning de belangen van de moeder en het kind zou schaden.
In hoger beroep oordeelt het hof dat de moeder onvoldoende feiten heeft aangevoerd die een afwijzing rechtvaardigen. Hoewel er sprake is van een problematische ex-partnerrelatie en psychische problemen bij de moeder, is niet gebleken dat erkenning de belangen van het kind of de moeder bij een ongestoorde verhouding schaadt. Het kind ontwikkelt zich goed en er zijn geen actuele aanwijzingen voor negatieve gevolgen.
Het hof wijst erop dat erkenning niet automatisch leidt tot gezag of omgang en dat de moeder onvoldoende heeft onderbouwd waarom erkenning niet zou moeten plaatsvinden. De bezwaren van de moeder over haar psychische toestand en de invloed daarvan op het kind zijn onvoldoende onderbouwd met actuele medische stukken.
Daarom vernietigt het hof de beschikking van de rechtbank en verleent de vader vervangende toestemming tot erkenning van het kind. Het hof benadrukt het recht van het kind om zijn vader juridisch te kennen en stelt dat de belangen van het kind en de vader in deze zaak prevaleren.
Uitkomst: Het hof verleent de vader vervangende toestemming tot erkenning van zijn kind en vernietigt de afwijzing van de rechtbank.