Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Beoordeling
een termijn van vier weken na dagtekening van dit tussenarrest.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In dit tussenarrest in hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter Amsterdam over een administratief beroep van de Stichting tegen het CVOM, stelt het hof vragen over de bevoegdheid van de medewerker van het CVOM die het administratief beroep heeft behandeld. De kantonrechter had het beroep ongegrond verklaard. De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend en ter zitting een aanvullend schrijven over de beëdiging en bevoegdheid van de verbalisant overgelegd. Het hof heeft de behandeling geschorst om de gemachtigde van de Stichting gelegenheid te geven hierop te reageren.
De gemachtigde heeft schriftelijk gereageerd en aangegeven dat een nieuwe zitting niet nodig is. Het hof constateert echter dat de advocaat-generaal niet inhoudelijk heeft gereageerd op de vraag welke medewerker van het CVOM de beslissing heeft genomen en of diens bevoegdheid juist is gemandateerd. Het hof acht dit essentieel voor de beoordeling van de zaak.
Daarom draagt het hof de advocaat-generaal op binnen vier weken schriftelijk een standpunt over deze vragen in te dienen. Tot die tijd worden verdere beslissingen aangehouden. Het arrest is gewezen door mr. Beswerda en uitgesproken in openbare zitting.
Uitkomst: Het hof draagt de advocaat-generaal op binnen vier weken schriftelijk te reageren over de bevoegdheid van de medewerker van het CVOM en houdt verdere beslissingen aan.