ECLI:NL:GHARL:2016:4558
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen oplegging administratieve sanctie aan ontbonden vennootschap onder firma
In deze zaak stond centraal de vraag of een administratieve sanctie opgelegd kon worden aan een vennootschap onder firma (VOF) die ten tijde van de sanctie al was ontbonden. De sanctie betrof een boete wegens overschrijding van de maximumsnelheid op een autosnelweg buiten de bebouwde kom.
De kantonrechter had het beroep van de betrokkene gegrond verklaard en de naam gewijzigd naar een natuurlijk persoon die de activiteiten van de VOF had voortgezet. De gemachtigde van de betrokkene was het hier niet mee eens en stelde dat de sanctie niet aan de ontbonden VOF kon worden opgelegd, omdat deze op het moment van de overtreding niet meer bestond.
Het hof oordeelde dat de sanctie ten onrechte aan de VOF was opgelegd, aangezien deze voor derden kenbaar was opgehouden te bestaan en niet was voortgezet door een andere niet-natuurlijke persoon. Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en de officier van justitie, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten.
Daarnaast gaf het hof een uitgebreide motivering over de toepasselijkheid van de Wegenverkeerswet en de WAHV op niet-natuurlijke personen die zijn opgehouden te bestaan, waarbij aansluiting werd gezocht bij het strafrechtelijke kader.
Uitkomst: De sanctie opgelegd aan de ontbonden vennootschap onder firma is vernietigd en het beroep is gegrond verklaard.